Ik probeer in mijn hoofden zelf zo veel mogelijk de verbanden tussen de stof te zien, dus het niet te zien als allemaal losse feitjes, maar als een soort netwerk. Stel dat ik bijvoorbeeld geschiedenis leer, dan probeer ik me bij gebeurtenissen een beeld te vormen van de periode waarin ze gebeuren, hoe ze uit andere gebeurtenissen voortkomen en weer andere veroorzaakt hebben, waar ze horen in een soort 'tijdlijn', enzovoort. Of stel dat je bij biologie delen van het menselijke lichaam moet leren: stel je dan in je hoofd het lichaam voor met alle organen en probeer zo goed de verbanden en samenwerking tussen al die lichaamsdelen te 'zien'.
Als je woordjes moet leren, kan het heel erg helpen om ezelsbruggetjes te verzinnen, liefst heel grappige of opvallende waar je je een beeld bij voor kunt stellen. En kijk of je woorden kent in andere talen die lijken op het woord dat je moet leren: Nederlands, Duits en Engels hebben bijvoorbeeld veel woorden die op elkaar lijken, net als Engels en Frans.
In het algemeen: probeer de stof niet alleen passief bij je binnen te laten komen, maar denk erover na, zoek naar verbanden en vergelijkbare dingen, kortom, ga actief om met de stof. Ook helpt het vaak om de stof in je hoofd in beelden om te zetten.
Heel veel succes!