Zorg dat je tijdens het schooljaar al die vakken reeds volledig begrijpt. Dat wil zeggen dat je van elk woord of symbool de betekenis moet begrijpen en kunnen uitleggen in je eigen woorden. Daarmee begint alles: de vaktermen begrijpen en kunnen uitleggen.
Vraag jezelf af: "Wat betekent dit woord (vakterm)?" En leg dat uit tegen je kat of hond, of tegen je teddybeer. Geef een praktisch voorbeeld ervan, zodat je teddybeer het goed snapt. Zo ongeveer.
Daarna moet je tijdens het schooljaar ook elk hoofdstuk van elk vak in je eigen woorden kunnen uitleggen. Wat wordt er in dat hoofdstuk uitgelegd? Wat betekent dat praktisch? Bij wetenschappen moet je ook kunnen zeggen wat elke formule betekent. Niet opdreunen, maar in je eigen woorden kunnen uitleggen. Geef daarna voorbeelden uit de realiteit. Zodat je een goed inzicht hebt.
Van vakken zoals wiskunde, fysica, scheikunde, biologie, technologie, kan je best op voorhand samenvattingen, en lijsten met de symbolen en formules maken.
Daarna is leren voor de examens alleen maar een herhaling, een opfrissing van dingen die je al wist.
Als je alles klakkeloos van buiten leert, ben je fout bezig. Je moet het eerst begrijpen. Natuurlijk moet je sommige dingen wel van buiten leren, zoals in de scheikunde: welk symbool dient voor welk atoom? Maar voordat je het van buiten leert, moet je het eerst begrijpen, dus je moet het "zien", en het zelf kunnen uitleggen, en zelf voorbeelden ervan kunnen bedenken.
Bij slecht gegeven vakken, zoals dikwijls geschiedenis (waar je alleen domme datums en namen van buiten moet leren), is dat natuurlijk lastiger. Daar valt niets te begrijpen omdat niemand je ooit de verbanden tussen de gebeurtenissen uitlegt, of de echte oorzaken. Dus echt begrip wordt je daar onthouden. Idem bij de meeste lessen over godsdiensten.
Je moet niet alleen leren om door de examens te geraken, maar ook vooral om daar zelf iets van mee te dragen. Dus bij talen, of bij wetenschappen, bedenk telkens: hoe kan ik deze kennis gebruiken in mijn dagelijkse leven? Ook dat helpt heel veel om inzicht te krijgen.
Het is nu aan de late kant om hiermee te beginnen. Maar toch, je kan nog altijd veel doen.
In alle geval: alle andere karweitjes en prullaria moet je in de examenperiode even stopzetten of afbouwen. Vb. niet of minder sporten (wel genoeg bewegen maar geen competitietraining of zo), niet uitgaan, even geen studentenjobs, geen reizen, geen onnodig winkelen, minder huishoudelijke taken,...