Het zou nog beter zijn als je kennis in je hoofd zit, niet in blaadjes die je ergens moet bewaren en kwijt kan raken.
Een vak samenvatten is zeer goed: dat verplicht je om erover na te denken en om de essentie en bijzaken te scheiden. Zeker doen, voor al voor vakken waar wetenschappelijke kennis, formules en regels bij komen kijken. Dus dat geldt ook voor talen: spellings- en grammatica-regels.
Probeer zo te studeren, dat je al wat je leert, nadien actief kan gebruiken.
Dus probeer tijdens het jaar zo te studeren, dat je in je hoofd een helder beeld hebt van het vak. Als het over de provincies gaat, moet je van iedere provincie een beeld in je hoofd hebben: waar die ligt, hoe het gemiddelde landschap er daar uitziet, welke soort grond het is (zand, leem, klei, rotsen,...), welke soort vegetatie en landbouw er is, enz.
Net zoals je in je hoofd een beeld hebt van hoe een vork en mes eruit zien, en hoe je die moet bedienen om te eten.
Dat soort inzicht is wat later nuttig is.
Helaas worden veel vakken slecht gegeven, en leggen sommige leerkrachten de verkeerde nadruk: om voor hen te slagen moet je onbenullige details van buiten leren. Inplaats van dat je ze de grote lijnen en verbanden tonen. Dus dan moet je die verbanden zelf zien te vinden.
Ook belangrijk: zorg dat je van alle woorden een definitie kent, dus een uitleg die een goed beeld geeft van het woord. Niet zomaar onbegrepen woorden van buiten leren. Je moet echt de betekenis zien. Anders blijft dat woord een vraagteken in je hoofd.
Dus zoek onbekende woorden op, leg de betekenis uit in je eigen woorden, zoek er beelden bij (zeker nuttig bij aardrijkskunde), enz. Dan krijg je een veel dieper inzicht, en moet je bijna niet meer leren, je "ziet" en weet het bijna vanzelf.