Jonge van 12.
Ik heb eens gegoogeld, wat jij ook had gekund natuurlijk.
Jongensbesnijdenis komt in Nederland voornamelijk voor onder moslims en joden. Maar besnijdenis is niet persé religieus van aard. In Amerika bijvoorbeeld laten de meeste seculieren en christenen hun zonen besnijden. De Kanttekening sprak experts over de culturele en religieuze motivaties van besnijdenis.
In Nederland vindt besnijdenis bij jongens in de meeste gevallen plaats bij moslims en joden. Bij seculieren en christenen in Nederland en in veel delen van Europa komt besnijdenis nauwelijks voor. Toch is de ingreep niet louter joods of islamitisch van aard. In de Verenigde Staten werd volgens cijfers van de World Health Organisation (WHO) 61 procent van de pasgeboren jongens in 2000 vlak na de geboorte besneden. In werkelijkheid zou dit percentage nog hoger liggen, omdat de ingreep niet altijd goed gedocumenteerd wordt. In 2007 rapporteerde de WHO dat 75 procent van de Amerikaanse jongens (met de leeftijd van 15 jaar) besneden zou zijn vanuit non-religieuze overwegingen. Tijd om langer stil te staan bij de verschillen tussen Amerika en Nederland en de bezwaren en motivaties bij besnijdenis.
In de negentiende eeuw werd mannenbesnijdenis een populaire ingreep in Engelstalige, geïndustrialiseerde landen. Deze populariteit ontstond door de komst van de medische verdoving en de resultaten van epidemiologische studies die aantoonden dat syfilis aanzienlijk vaker voorkwam bij niet-joodse (onbesneden) mannen dan bij joodse (besneden) mannen. Tegen het einde van de negentiende eeuw werd jongensbesnijdenis aangeraden als een preventieve maatregel tegen bepaalde aandoeningen en gedragingen, zoals masturbatie, syfilis en nachtelijke incontinentie. In Amerika resulteerde dat in een groeiend aantal besnijdenissen. In 1938 werd 55 procent van de pasgeboren jongens besneden. In de jaren zestig steeg dat tot 80 procent.
Ruard Ganzevoort, hoogleraar ‘praktische theologie’ aan de Vrije Universiteit, stelt dat deze geschiedenis nog steeds doorwerkt in de huidige Amerikaanse samenleving.
‘Jongensbesnijdenis is de afgelopen eeuw in Amerika veel gepropageerd, het is een genormaliseerde ingreep. Daarnaast spelen ook verschillende attitudes ten opzichte van seksualiteit een rol. Amerikanen hebben vaak een negatiever beeld over seksualiteit dan dat we in Europa hebben. Ze zijn vaak wat preutser. De besnijdenis heeft dan ook te maken met het in toom houden van de seksualiteit. Voor veel Amerikanen hoort jongensbesnijdenis bij een goede opvoeding’, vertelt Ganzevoort. ‘Daar worden vaak medische argumenten bijgehaald. Het zou gezonder zijn voor mannen. Echter is het zo dat er vanuit medisch oogpunt in verschillende delen van de wereld ook verschillend over besnijdenis wordt gedacht. Er is dus geen eenduidig universeel medisch standpunt over jongensbesnijdenis.’
Een illustrerend voorbeeld in de verschillende medische opinies betreffende besnijdenis, is het standpunt van het AAP (American Academy of Pediatrics) tegenover dat van de KNMG (Koninklijke Nederlandsche Maatschappij tot bevordering der Geneeskunst). In 2012 publiceerde het AAP een beleidsverklaring waarin geconcludeerd wordt dat de voordelen van besnijdenis bij pasgeboren jongens opwegen tegen de risico’s. De KNMG beschouwt besnijdenis bij minderjarigen als een schending van de integriteit van het lichaam en ziet nagenoeg geen medische nadelen.