ASO, TSO en BSO zijn middelbaar onderwijs, 6 jaar lang, van je 12 tot 18 jaar. Met soms nog een 7e specialisatie-jaar erachteraan.
ASO=algemeen secundair onderwijs: geeft een heel algemene, heel brede opleiding in algemene vakken zoals talen, wiskunde, wetenschappen. Maar je leert niets praktisch, je leert geen vak. Dus je bent daarna verplicht om hoger onderwijs te gaan doen om een vak te leren, zoals dokter, ingenieur, vertaler, manager, of zo.
TSO=technisch secundair onderwijs, specifiek gericht op technische opleidingen zoals elektronicus, auto-techniek, metaalbewerking, maar ook als voorbereiding op ingenieur-studies. Hier krijg je meer praktijk, meer techniek dan ASO. Hiermee kan je dikwijls wel direct aan de slag in een bedrijf, maar je kan soms (afhankelijk van de richting) wel voortstuderen in hoger onderwijs, typisch ingenieurs- of hogere technische richtingen. Soms moet je een overgangsjaar volgen, om lacunes aan te vullen.
BSO=beroeps secundair onderwijs: om direct praktische beroepen aan te leren, op lager niveau dan TSO. Je leerst meestal handwerk, vb. bouw, lassen, draaien en frezen, houtbewerking, kapper,... Hierna kan je direct aan de slag bij een bedrijf. Hoger onderwijs is hierna niet mogelijk, want je algemene niveau is daarvoor te laag.
Een buis of een fles is: gezakt zijn voor je toets of examen. Dus de werkwoorden zijn: buizen of flessen. Voltooide deelwoorden: gebuisd of geflest. Geen idee vanwaar die termen komen.
Dus de meesten proberen eerst ASO, want dat geeft de beste kansen op hoger onderwijs (en later een hoger loon). Als ze daar flessen, zakken ze naar TSO. Als ze daar flessen, zakken ze naar BSO. Als ze daar flessen, worden ze drop-outs. Daarna kan je nog altijd politieker worden: daarvoor is geen enkele kwalificatie vereist (dat is echt, geen zwans).
Al die A, B, C-attesten zijn politieke onzin om zowel de leraars als jongeren hun kloten af te pitsen, bij wijze van spreken. In normaal, degelijk onderwijs ben je erdoor, of je bent geflest. Simpel. Maar al die klote-regeltjes dienen om dat te kunnen omzeilen, en om krapuul toch door te kunnen laten gaan, zodat uiteindelijk niemand er beter van wordt.
Idem voor zogenaamde faciliteiten: als je een briefje van de dokter binnenbrengt dat je zot bent, krijg je op elk examen een pak meer tijd dan diegenen die wel normaal studeren en werken. Dus je krijgt je diploma aan halve prijs, bij wijze van spreken. Heel onrechtvaardig tegenover de wel-bekwame studenten, en tegenover de maatschappij. Immers, nadien als chirurg krijg je ook geen half uur extra tijd als iemand op je operatietafel ligt dood te bloeden. Dus die faciliteiten zijn een vorm van wettelijk gepromoot bedrog, een soort wettelijk toegelaten examenfraude. Want je levert geldige diploma's af aan mensen die het niet waard zijn, die hun vak niet kennen, en die dus later in hun beroep stommiteiten gaan doen.
Kamperen=ouders die wekenlang op voorhand voor de schoolpoort in hun tentje moeten overnachten, om hun kinderen in die school te kunnen inschrijven. Wie eerst komt, eerst maalt. Want onze totaal incompetente politici slagen er niet in om gewoon normaal degelijk onderwijs te voorzien. Er zijn nog maar enkele goede scholen over, meestal in rijkere gemeentes buiten de steden (maar dat onderwerp is al helemaal taboe).
Zo, mini-cursus Vlaams onderwijs. Kan handig zijn voor al die Nederlanders die in Vlaanderen naar de universiteit komen. Dan kunnen jullie de gesprekken volgen. :-)